2.1 Algemeen

Het oplegsysteem is het geheel van alle opleggingen van de constructie. Het dient als systeem te worden beschouwd omdat alle opleggingen met elkaar samenwerken. Wanneer een wijziging wordt aangebracht in een oplegging op steunpunt X, kan dit direct gevolgen hebben voor het functioneren van een oplegging op steunpunt Y. In dit hoofdstuk zal dit verder worden onderbouwd.

Bij het ontwerp van een constructie kan worden gekozen tussen verschillende type oplegsystemen. Alle type oplegsystemen hebben met elkaar gemeen dat deze de bovenbouw in verticale zin ondersteunen. Het verschil zit hem in de wijze waarop horizontale krachten naar de onderbouw worden overgedragen en de wijze waarop ruimte wordt gegeven aan vervormingen.

Het oplegsysteem moet zo zijn ingericht dat horizontale belastingen vanuit de bovenbouw conform het ontwerp van de hoofddraagconstructie aan de onderbouw worden overgedragen. Daarnaast dienen relatieve vervormingen tussen de onder- en de bovenbouw ongehinderd te kunnen optreden waarbij de vervormingsweerstand van de opleggingen niet tot overbelasting van de steunpunten mag leiden.

Op hoofdlijnen kunnen alle oplegsystemen worden ingedeeld in twee groepen:

1. Oplegsystemen met één vast punt.
Horizontaalkrachten worden door zeer stijve (vaak stalen) fixaties naar de onderbouw overgedragen.

2. Oplegsystemen zonder één vast punt.
Horizontaalkrachten worden verspreid over alle opleggingen naar de onderbouw overgedragen.

Er bestaan meerdere type opleggingen welke verschillen in de wijze waarop deze belastingen overbrengen of vervormingen toelaten. In onderstaande tabel (in lijn met NEN-EN 1337-1) worden de belangrijkste types opgesomd. Elk type oplegging heeft een eigen symbool. In hoofdstuk 5 worden de types één voor één beschreven. De volgende types komen voor:

  • Bolsegmentoplegging (spherical bearing)
  • Cilinderoplegging (cilindrical bearing)
  • Potoplegging (pot bearing)
  • Roloplegging (roller bearing)
  • Punt of lijntaatsoplegging (point or line rocker bearing)
  • Rubberoplegging (elastomeric bearing)
  • Glijdelement (sliding part)
  • Geleiding (guide bearing)
  • Fixatiepunt (restrained bearing)

 

Overzicht van verschillende typen opleggingen en de gebruikte symbolen daarvoor.

 

Hieronder een zestal aanbevelingen om te bewerkstelligen dat bruggen en viaducten voorzien worden van een goed oplegsysteem:

A. Al in de contractfase dienen er keuzes rond het oplegsysteem gemaakt te worden.
B. In de conceptuele fase zal de ontwerper al rekening moeten houden met het inpassen van de opleggingen in de architectuur van het kunstwerk gebruikmakend van de beschikbare standaarddetails.
C. Zorg voor een compleet en samenhangend overdrachtsdocument tussen de hoofdconstructeur en de ontwerper van het oplegsysteem.
D. Maak opleggingen toegankelijk, volgens de regels van de Arbowet, voor inspectie, onderhoud en vervanging.
E. Een vijzelplan moet een traceerbaar onderdeel zijn van het Ontwerpdossier.
F. Voorzie steunpunten met een voegconstructie van een tweede afwateringssysteem.