5.10.2.3 Toepassing op rubberopleggingen

Wanneer rubberopleggingen een grote translatiecapaciteit nodig hebben, dan kunnen ze worden gecombineerd met glijdelementen.

De wrijving tussen het PTFE en de glijdplaat genereert een horizontale kracht op de rubberoplegging. De rubberoplegging dient deze horizontaalkracht op te kunnen nemen. Dit kan op twee manieren:

  • Type D. In dit geval wordt het PTFE direct aan het rubber gevulkaniseerd. Wanneer een glijdelement bestaat uit PTFE gevulkaniseerd aan een rubberomhulling dan wordt aangenomen dat dit glijdelement voor een beperkte duur zal functioneren en alleen aanwezig is om de krimp en kruip na de bouw van het kunstwerk op te nemen. Het PTFE kan in dit geval met of zonder smeerkuiltjes worden uitgevoerd. Omdat bij deze toepassing alleen een beroep op het PTFE kan worden gedaan voor permanente vervormingen ten gevolge van krimp en kruip, dient de rubberoplegging voldoende vervormingscapaciteit te bezitten voor het kunnen ondergaan van de hierna optredende veranderlijke belastingen.
  • Type E. In dit geval wordt het PTFE (met smeerkuiltjes) ingekamerd in de bovenste staalplaat van de rubberoplegging. Bij een rubberoplegging met glijdplaat uitgevoerd als type E kan het glijdvlak ook worden aangesproken voor veranderlijke vervormingen ten gevolge van bijvoorbeeld temperatuurswisselingen en verkeersbelastingen.