3.3.1 Algemeen

Belastingen op de bovenbouw van het kunstwerk resulteren in rotaties en translaties ter plaatse van de opleggingen en voegovergangen, zie figuur 6.4. De grootte van deze belastingeffecten wordt bepaald door geometrie van de constructie  in combinatie met de grootte van de belasting .

 

Mogelijke rotaties en translaties t.p.v. opleggingen en voegovergangen
Mogelijke rotaties en translaties t.p.v. opleggingen en voegovergangen

 

φx = rotatie om de langsas van het brugdek.

Deze rotatie kan optreden bij torsie door excentrische verkeersbelasting in combinatie met samendrukbare opleggingen

φy = rotatie om de opleg-as van het brugdek.

Deze rotatie treedt op bij door/opbuiging van het brugdek door de diverse belastingen zoals verkeersbelasting, zetting, ongelijkmatige temperatuur, krimp en kruip.

φz = rotatie om de verticale-as van het brugdek.

De rotatie kan optreden bij horizontale belasting die excentrisch aangrijpt t.o.v de vaste oplegging, bijvoorbeeld rembelasting, centrifugaalbelasting of windbelasting

ux = ΔL// = translatie in de rijrichting van het kunstwerk

Deze translatie treedt op door horizontale belastingen, zoals temperatuur, krimp en kruip en rembelasting (i.c.m. een drijvend oplegsysteem)

uy = ΔL = translatie haaks op de rijrichting van het kunstwerk

Deze translatie treedt op door horizontale belastingen, zoals temperatuur, windbelasting en centrifugaalbelasting (i.c.m. een drijvend oplegsysteem).

uz = verticale translatie

Deze translatie treed op door invering van rubberen opleggingen, doorbuiging van dwarsdragers onder verticale verkeersbelasting of als gevolg van horizontale translaties i.c.m. een langshelling en/of verkanting van het brugdek