2.4.7.3 Overige aantastingsmechanismen

De voegovergang dient gedurende de ontwerplevensduur voldoende weerstand te kunnen bieden tegen veroudering en schade door fysische aantastingsmechanismen, waaronder:

  • (verhinderde) krimp/uitzetting als gevolg van temperatuurswisselingen en –verschillen
  • vorst en vorst/dooi cycli
  • UV straling
  • Ozon

De duurzaamheid van de voegovergang mag eveneens niet worden verminderd door olie, brandstoffen en dooizouten in concentraties welke verwacht kunnen worden bij normaal gebruik.

Rubber

Rubber afdichtingsprofielen zijn onderhevig aan diverse chemische belasting (chloride, olie), fysische veroudering door met name UV-straling en ozon en slijtage door bijvoorbeeld scherpe steenslag in combinatie met voegbewegingen. Middels testen dient de weerstand tegen deze agressieve stoffen en veroudering te worden aangetoond. In combinatie met voldoende materiaaldikte (min 4 mm) wordt meestal een lange levensduur gehaald indien de voegspleet 1 a 2 keer per jaar wordt gereinigd. Een levensduur van 20-25 jaar is dan met EPDM haalbaar. Als het reinigen wordt nagelaten dan kan dit leiden tot een kortere levensduur. Het moment waarop het rubber wordt vervangen is tevens het aangewezen moment om ook indien noodzakelijk onderhoud aan de staalconservering uit te voeren. De RD1007-2 geeft in bijlage 4 eisen en testmethoden waarmee de weerstand van deze onderdelen kan worden aangetoond. EPDM, CR en SBR voldoen hier normaal gesproken aan. Een levensduur van 40 jaar is desondanks vrijwel uitgesloten. Dergelijke onderdelen zullen gedurende die periode minstens 1 keer vervangen moeten worden.

(Staalvezel)beton

Staalvezelbeton wordt standaard toegepast voor de bereden delen en heeft uitstekende mechanische eigenschappen mits deze goed wordt verdicht en tijdens de verharding goed wordt beschermd tegen uitdroging (nabehandeling). De staalvezels beperken de gevolgen van scheurvorming door krimpspanningen en verkeersbelasting. Beton dient voldoende weerstand te hebben tegen indringing van schadelijke stoffen en vorst-dooicycli. Met hoogwaardige (EN1504-gecertificeerde) mortels en een goede nabehandeling is voldoende weerstand tegen aantasting te verkrijgen en zal onderhoud meestal niet nodig zijn. Anders kan het aanbrengen van een slijtlaag op de lange termijn dan wenselijk zijn om het rijcomfort te verbeteren en het te zwaar aanrijden van het randprofiel te voorkomen. Voor betonstaal in staalvezelbeton dient een minimale betondekking aangehouden te worden van 30mm. Als alternatief kan RVS-betonstaal toegepast worden.