5.3.1 Inleiding

Beschrijving

Mattenvoegen bestaan uit een rubberen mat, verankerd aan een stalen basisconstructie of direct aan de beton- of staalconstructie van de hoofdconstructiedelen. De voegbewegingen worden opgenomen door verlenging en verkorting van de matconstructie. De mat draagt de verkeersbelasting. Randbalken voorkomen het aanrijden van de matten bij spoorvorming.

 

Ervaringen

Mattenvoegen worden sinds de jaren ’80 toegepast in de vorm van gewapende en gewelfde mattenvoegen. Bij Rijkswaterstaat werden de eerste mattenvoegen rond 1995 toegepast en rond 2003 incidenteel in de vorm van geperforeerde matten. Toepassing vond vooral plaats in kunstwerken met kleine overspanningen met geringe voegbewegingen. Incidenteel in kunstwerken met grote overspanningen en grote dilataties. Alle typen bleken in de intens bereden Nederlandse autosnelwegen slechts een zeer beperkte levensduur te bezitten. Toepassing ervan in het hoofdwegenet is daarom uitgesloten volgende RTD1007-2.

Gewapende mattenvoegen komen in autowegen soms nog voor. Incidenteel komen ook geperforeerde matten nog voor. De gewelfde mattenvoegen zijn in autowegen inmiddels vervangen.

In secondaire minder intensief bereden wegen verschilt de levensduur in positieve zin met de mattenvoegen in autosnelwegen. De waterdichtheid is echter ook in die gevallen problematisch. Hergebruik van constructieve ankers is bij vervanging zonder ingrijpende maatregelen niet mogelijk.

 

De volgende mattenvoegen worden in de Meerkeuzematrix onderscheiden:

275