2.6.2 Fabricage

Fabricage omvat alle vereiste activiteiten om een onderdeel te produceren en te leveren. Voor zover van toepassing omvat dit bijvoorbeeld inkoop, voorbewerken en samenstellen, lassen, mechanisch verbinden, transport, oppervlaktebehandeling en de keuring en het documenteren ervan.

Vaak worden (delen van ) voegovergangen fabrieksmatig vervaardigd. Voor specifieke eisen met betrekking tot de kwaliteitsborging van staalconstructies zijn de eisen in EN1090-2 van toepassing. Voor voegovergangen geldt als kwaliteitsniveau EXECUTION CLASS 3 (EXC3) voor de bereden delen en EXC2 voor de niet bereden delen. De werkzaamheden op de fabriek en op de bouwplaats dienen te worden uitgevoerd conform het kwaliteitsplan zoals aangegeven in hoofdstuk 8. Om te kunnen voldoen aan de eisen die gelden voor EXC3 respectievelijk EXC2, dienen bedrijven hiervoor gecertificeerd te zijn. De geconserveerde stalen onderdelen van voegovergangen dienen dan ook voorzien te zijn van een CE-markering volgens de EN1090-1. Een kwaliteitsplan conform EN 1090-2 wordt verlangd en hierin dienen werkinstructies en een keuringsplan te zijn opgenomen.

 

CE-markering o.b.v NEN-EN1090

De introductie van de Europese geharmoniseerde normen voor staalconstructies (EN-1090 serie) heeft ten aanzien van voegovergangen veel stof doen opwaaien. In een informatieve bijlage van het Europees Normalisatie-Instituut CEN worden voegovergangen niet beschouwd tot de scope van de EN-1090 omdat hiervoor meer specifieke regelgeving (ETAG032) bestaat voor de voegovergangen als totale systeem (breder dan de staalconstructie dat slechts een onderdeel betreft). De ETAG032 is echter een Europees document dat geen wettelijke status kent in Nederland. Daarmee valt CE-markering voor voegovergangen tussen het spreekwoordelijke wal en ’t schip. Deskundigen op het gebied van regelgeving buigen zich over de kwestie.

Let op: de onduidelijkheid gaat alleen over de wettelijk plicht om de staalconstructie te leveren met CE-markering. Toepassing van de EN-1090 serie wordt gewoon vereist via de eerstelijns aanwijzing in het Bouwbesluit waarmee het gebruik van deze norm desondanks een wettelijke status kent.