6.6.6 Voorbeeldplanning 4.1c/4.1d

De werkgroep voegovergangen heeft in 2017 een voorbeeldplanning samengesteld voor het vervangen van voegovergangen door een voegovergang van het type ‘verbeterde bitumineuze voegovergang’ volgens de concept 4.1c / 4.1d. Deze twee concepten hebben veel overeenkomsten en bestaan in de basis uit gelijke componenten:

  • Een bitumineuze massa dat lijkt op die van een traditionele, bitumineuze voeg (echter verbeterd en onderzocht);
  • Aan weerszijden een gietasfalt randbalk die de prestaties van de bitumineuze voeg verbetert t.a.v. aanhechting (trekkrachten op de flanken van de verharding);
  • Concept 4.1c maakt nog gebruik van een inlage (soort wapening), bij concept 4.1d is deze niet van toepassing.

 

In de voorbeeldplanning wordt een urenplanning weergegeven voor het uitvoeren van werkzaamheden in nachten. Deze planning geeft:

  • een realistische minimale uitvoeringstijd voor het vervangen van voegovergangen in nachten zoals overeengekomen in de werkgroep (met verschillende bedrijven);
  • inzicht in het spanningsveld met WBU-kaders van onze wegbeheerders/verkeersloketten.

 

 

Bijlagen

pdf Template uitvoeringsplanning 4.1a1 Verbeterde bitumineuze voeg

FAQ

Is het vervangen van voegovergangen in WBU-nachten mogelijk waarbij de vereiste prestaties van het eindproduct haalbaar zijn?

Het antwoord op deze vraag is niet eenvoudig met ja of nee te beantwoorden. In de praktijk blijkt dat het mogelijk is om een voegovergang in sommige WBU-vensters in delen/fasen te vervangen door de inzet van voldoende cq. extra personeel. Hierbij wordt invulling gegeven aan het grote maatschappelijke belang om de capaciteit van de weg zo min mogelijk te reduceren. Hier staat tegenover dat de werkzaamheden onder grote tijdsdruk worden uitgevoerd, en de 'wegwerkers' primair het belang voelen om de weg op tijd open te (laten) stellen. Het mag duidelijk zijn dat hierbij geen tijd beschikbaar is om te anticiperen op onvoorziene omstandigheden. Het risicoprofiel van de keuze om voegovergangen te vervangen in nachten, ligt hierdoor beduidend hoger dan bij het uitvoeren van werkzaamheden in een weekend(fasering) of volledige afsluiting.

In de voorbeeldplanning is rekening gehouden met een minimaal benodigde afkoeltijd voor de bitumineuze massa. Hoewel niet goed onderbouwd door onderzoeken (althans niet bekend bij PVO), lijkt het erop dat de levensduur van bitumineuze voegovergangen positief wordt beïnvloed wanneer de (afkoel)tijd tot ingebruikname toeneemt. Dit lijkt bevestigd door worden door praktijkervaring.